Urogynaecologie boek voor de eerste lijn

Uitgelicht

Boek urogynaecologie MarcoGisteren vond de uitreiking plaats van het eerste exemplaar van het nieuwe (en enige) boek over urogynaecologie voor de eerste lijn. Bedoeld voor huisartsen en andere zorgprofessionals. De hoofdstukken in het boek werden geschreven door meerdere auteurs. Ik mocht het hoofdstuk betreffende gynaecologische echografie voor mijn rekening nemen. Hieronder het persbericht van de uitgever.

Feestelijke presentatie nieuw boek Urogynaecologie

Op donderdag 7 november is het eerste exemplaar van het nieuwe boek Urogynaecologie door de redacteuren van het boek, prof. dr. Toine Lagro-Jansen en dr. Doreth Teunissen, overhandigd aan Jannet Vaessen, directeur Women Inc.  

De boekpresentatie vond plaats na afloop van de kaderdag van de Kaderhuisartsen Urogynaecologie, in Beekbergen, waar zo’n 50 kaderhuisartsen aanwezig waren.

Foto links: v.l.n.r. prof. dr. Toine Lagro-Jansen, Jannet Vaessen, directeur Women Inc. en dr. Doreth Teunissen;
Foto rechts: de Urogyn Quiz door prof. dr. Toine Lagro-Jansen en dr. Doreth Teunissen.

Het eerste exemplaar van het boek werd in ontvangst genomen door Jannet Vaessen van Women Inc. Zij vertelde over de inspanningen van Women Inc voor een gendersensitieve gezondheidszorg. Ze verwees daarbij onder andere naar de Alliantie Gender & Gezondheid, een interdisciplinair samenwerkingsverband van hoogleraren, medisch specialisten, beleidsmakers en andere zorgprofessionals.

Waardevolle informatie voor de huisarts

Het boek helpt huisartsen bij de diagnostiek en behandeling van 35 veelvoorkomende urologische en gynaecologisch klachten, nieuwe thema’s en ontwikkelingen, en praktische handvatten.

Prof. dr. Toine Lagro-Jansen.

Toine Lagro-Jansen: “De huisarts komt steeds meer in aanraking met specifieke urogynaecologische thema’s als genderdiscongruentie (transseksualiteit), vrouwenbesnijdenis en seksueel misbruik, maar vaak weet men niet hoe hiermee om te gaan en ook ontbreekt het de huisarts vaak aan relevante informatie. Dit was voor ons aanleiding om een boek te schrijven over urogynaecologie met aandacht voor diagnostiek en behandeling van de meest voorkomende urologische en gynaecologische klachten in de eerste lijn.”

“Het boek is een handig naslagwerk voor de dagelijkse praktijk waarbij we inzichten en verdiepende informatie bieden die aansluiten op de NHG-Standaarden. In veel hoofdstukken wordt ingegaan op nieuwe ontwikkelingen en behandeling in de tweede lijn”, aldus Toine Lagro-Jansen.

Doreth Teunissen: “De belangrijkste bevindingen zijn dat klachten van de genitale organen en de reproductie bij mannen en vrouwen veelvoorkomende klachten in de huisartspraktijk zijn. De huisarts speelt als hulpverlener een belangrijke rol in goede zorg.”

Voor alle (eerstelijns) zorgprofessionals

Het is het eerste (leer)boek over dit onderwerp dat zich specifiek richt op professionals in de eerstelijnszorg en tevens interessant is voor andere zorgprofessionals.

Auteurs

De auteurs zijn voor een belangrijk deel kaderopgeleide huisartsen urogynaecologie, aangevuld met huisartsen en specialisten uit de tweede lijn met een speciaal aandachtsgebied. Alles onder redactie van prof. dr. Toine Lagro-Janssen, em hoogleraar Vrouwenstudies Medische Wetenschappen en kaderhuisarts urogynaecologie np en dr. Doreth Teunissen, huisarts/senior onderzoeker en coördinator kaderopleiding uro-gynaecologie.

 
  • Diagnostiek en behandeling van 35 veelvoorkomende urologische en gynaecologisch klachten.
  • Aandacht aan nieuwe thema’s en ontwikkelingen.
  • Praktische handvatten.
  • Urogynaecologie is bedoeld voor huisartsen maar tevens geschikt voor andere zorgprofessionals.

Meer informatie en bestellen boek Urogynaecologie:
Uitgeverij Bohn Stafleu van Loghum
ISBN/ISSN 9789036824088
G
ebonden uitgave | 601 pagina’s
Prijs: € 69,95

Rumoer onder huisartsen over nieuwe richtlijn voor behandeling te hoog LDL-cholesterol

Een nieuwe richtlijn over de behandeling van een te hoog LDL-cholesterol in ons bloed kan grote gevolgen, zo bericht de Volkskrant in een uitgebreid artikel. Een miljoen mensen extra zouden aan de cholesterolverlagers moeten. ‘Dit is de invloed van de big pharma’, zeggen kritisch huisartsen.

Bijwerkingen statines
Een miljoen mensen hebben een te hoog cholesterol. Acht jaar lang was het criterium voor te hoge of te lage cholesterol het getalletje 2,5. Tot twee maanden geleden. Sindsdien is 2,3 opeens geen gezonde waarde meer, maar moet het LDL volgens een nieuwe richtlijn verder omlaag, naar 1,8. Het betekent: nog meer op het dieet letten, nog meer medicijnen. Tussen de half en een miljoen patiënten krijgen er mogelijk mee te maken. Het zijn mensen met hart- en vaatziekten (1,6 miljoen in 2017 volgens gezondheidsinstituut Nivel) die nog geen 70 jaar oud zijn.
Belachelijk, vinden diverse verontruste huisartsen. Het aantal infarcten dat je voorkomt, staat niet in verhouding tot de nadelen, zoals meer bijwerkingen door de statines. Ze wijzen er ook op dat het wel heel toevallig is dat farmaceuten net veel duurdere cholesterolremmers op de markt hebben gebracht. Ook saillant: de twee cardiologen in de commissie die de nieuwe richtlijn vaststelde, ontvingen de afgelopen jaren duizenden euro’s van geneesmiddelenfabrikant Amgen, die een van de nieuwe remmers maakt.

Gewraakte richtlijn
De gewraakte richtlijn waar het om draait is de herziende zogenoemde multidisciplinaire richtlijn Cardiovasculair risicomanagement (CVRM). Hierin staat welke behandelprotocollen huisartsen, cardiologen en internisten kunnen volgen bij patiënten met hart- en vaatziekten en bij mensen die daar een grotere kans op hebben. Bijvoorbeeld door een hoge bloeddruk of een verhoogd LDL-cholesterol.
Dit ‘slechte’ LDL-cholesterol mag in het bloed van hart- en vaatpatiënten die bijvoorbeeld eerder een beroerte of hartaanval hebben gehad − nog maar 1,8 millimol per liter zijn, volgens de nieuwe leidraad. Dat streefgetal hanteren cardiologen al langer, maar huisartsen niet. In hun richtlijnen was de ‘gezonde’ grenswaarde een stuk hoger, 2,5.

Nieuwe gezamenlijke afspraken
Dat verschil is verwarrend, voor zowel arts als patiënt, vonden de vakverenigingen van huisartsen, cardiologen en internisten. Het was een van de redenen dat ze in de nieuwe, gezamenlijke afspraken de ideale LDL-waarden gelijk wilden trekken, voor alle medische behandelaars.
Huisarts Hans van der Linde is sceptisch over de nieuwe grenswaarde van 1,8. ‘De enigen die daar baat bij hebben zijn de medicijnfabrikanten.’ De huisarts uit Capelle aan den IJssel ageert al jaren tegen de farmaceutische industrie en laat ook dit keer van zich horen, via een mail aan duizenden artsen die ook bij de Volkskrant terechtkwam.
Van der Linde doelt op de krachtige maar dure cholesterolverlagers die pas sinds een paar jaar op de markt zijn, de zogeheten PCSK9-remmers. Deze medicijnen − waarvan de langetermijneffecten nog onbekend zijn − vormen een mogelijk lucratief alternatief voor de statines. Die geven namelijk geregeld bijwerkingen, zoals spierpijn. PCSK9-remmers kosten rond de 6.000 euro per jaar per patiënt, tegen zo’n 100 euro voor statines en vergelijkbare patentvrije medicijnen.
De nieuwe CVRM-richtlijn is niet verrassend, vindt Van der Linde, want ‘zeven van de twaalf commissieleden hebben banden met farmaceutische bedrijven’.
Op sociale media zijn meer mensen Van der Lindes mening toegedaan. ‘Je moet wel heel naïef zijn om hier niet de invloed van de big farma te herkennen’, schrijft bijvoorbeeld Patrick Albert, huisarts in Reuver, op Twitter. Hoeveel huisartsen deze zorg precies delen, is onduidelijk. Huisartsenvereniging NHG krijgt ‘misschien twee of drie’ verontruste telefoontjes per dag van leden, zegt woordvoerder Jako Burgers.

Verwaarloosbaar
De gezondheidswinst door die nieuwe richtlijn is sowieso ‘verwaarloosbaar’, meent de kritische huisarts Hans van der Linde, terwijl het aantal klachten over bijwerkingen van statines alleen maar verder zal toenemen. ‘Wetenschappelijk bewijs voor deze aanpassing ontbreekt, dat staat letterlijk in de richtlijn!’, licht hij telefonisch toe. Van der Linde deelt daarmee de kritiek van consumentenprogramma Radar, dat onlangs twee uitzendingen wijdde aan het nut en de bijwerkingen van cholesterolverlagers.
Inderdaad staat op pagina 246 van de richtlijn dat er nooit rechtstreeks vergelijkend onderzoek is gedaan naar de effecten van verschillende LDL-waarden op het voorkomen van hart- en vaatziektes. Zo’n vergelijkend onderzoek geldt als de ‘gouden’ onderzoeksstandaard in de medische wetenschap.
Dat is niet onoverkomelijk, benadrukt huisarts Karen Konings, die als commissielid namens het NHG meeschreef aan de nieuwe leidraad. Meerdere studies laten op een indirecte manier zien dat lage LDL-waarden een beschermend effect hebben, legt ze uit. Zo laat een aantal studies zien dat een intensievere behandeling, met meer cholesterolverlagers, tot minder hart- en vaatincidenten zoals beroerten leidt dan een normale behandeling. ‘Dat noemen we redelijk bewijs, en lichten we ook uitgebreid toe.’

Op basis van deze indirecte aanwijzingen berekent de commissie dat een LDL-waarde van 1,8 tot 13 procent minder hartaanvallen en beroertes leidt dan wanneer de streefwaarde 2,5 is. Tot minder doden leidt het vreemd genoeg niet, bleek uit een literatuuranalyse. Konings: ‘De meeste mensen overleven zulke gebeurtenissen gelukkig. Hun kwaliteit van leven gaat dan vaak wel achteruit natuurlijk.’ Meer medicatie betekent ook meer bijwerkingen, geeft Konings toe. ‘Stramheid van spieren komt voor bij ongeveer een op de zeven statinegebruikers.’

Conflicterende belangen
De twee cardiologen in de commissie die de nieuwe richtlijn voor cholesterolverlagers heeft vastgesteld, hebben geld ontvangen van Amgen, de fabrikant van Repatha, een van de nieuwe remmers. Dat blijkt uit het Transparantieregister Zorg, waar bedrijven betalingen aan medici moeten melden. Het gaat om zo’n 5.000 euro in totaal, in 2016 en 2017.
Klopt, zegt Fabrice Martens, een van de twee cardiologen, in een telefonische reactie maar dat betekent volgens hem niet dat hij voor het karretje van Amgen is gespannen. ‘Ik heb geen aandelen ofzo. Dit soort farmaceuten sponsort congressen voor bijvoorbeeld nascholing van huisartsen. Daar geef ik soms lezingen vanwege mijn expertise.’ Het is niet meer dan logisch om daar een vergoeding voor te krijgen, vindt de Deventer cardioloog, vanwege de voorbereidingstijd.
Ook beroepsverenigingen NVVC en NHG ontkennen dat er sprake is van belangenverstrengeling. ‘Alle commissieleden hebben een belangenverklaring getekend die is getoetst door het Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten en het NHG’, schrijft het NVVC. Bovendien, zeggen NVVC en NHG, is de nieuwe richtlijn opgesteld op basis van consensus, wetenschappelijk onderbouwd, én voor commentaar en goedkeuring voorgelegd aan talloze organisaties en professionals in de zorg.

Huisarts Joost Zaat laakt het reclamegedrag van orthopedische klinieken

In zijn wekelijkse column in de Volkskrant laakt huisarts Joost Zaat de reclames van orthopedische klinieken waarin zij patiënten adviseren zich snel te laten onderzoeken en behandelen. Na het ophalen van een verwijsbriefje bij de huisarts. Tegen beter weten in verrichten die klinieken volgens Zaat daardoor veel onnodige operaties.

‘Van wachten wordt u niet beter’
“Vroeger vonden dokters het ongepast, reclame maken voor zichzelf. Tenminste als ze een beetje serieus waren, dr. A. Vogel en collega kwakverkopers deden het altijd al. Nu zijn er op de radio spotjes van een van de vele orthopedische klinieken”, schrijft huisarts Joost Zaat in zijn wekelijkse column in de Volkskrant. ‘Van wachten wordt u niet beter. Laat een diagnose stellen door een van onze orthopedisch chirurgen. Indien nodig, kunnen we u snel opereren.’ Ze adviseren om even een briefje bij de huisarts op te halen, want dan betaalt de verzekering. Toegegeven, op hun website staat dat hun orthopeden eerst proberen hun mes in hun zak te houden, maar de illusie dat snel opereren nuttig is, wekken ze wel. Van wachten wordt u niet altijd beter, maar van snel MRI’s maken of ingrijpen ook niet.”

Gepiep en gekraak
“Dat zit zo. Je moet nu eenmaal veel geduld hebben voordat je zere nek, rug, heup, elleboog of knie weer over is. Het is helemaal niet abnormaal langer dan drie maanden pijn te hebben nadat je door je rug bent gegaan. Na een jaar heeft tweederde nog last. En die rugpijn komt bij de helft af en toe terug. ‘Kun je geen MRI maken om zeker te weten wat het is?’ Dat kan, maar het levert meestal alleen verwarring op. Ook zonder rugpijn heeft tot wel driekwart van de mensen een hernia of uitstulpende tussenwervel op de MRI. Dat je rugpijn dus door die ‘beknelde zenuw’ komt, is dan ook lang niet altijd zeker. Je loopt bij snelle hulp kans dat het helemaal voor niets is: juist bij mensen met ‘een hernia’ is het beloop gunstig, 80 procent is na een jaar beter.
Bij ander gepiep en gekraak is het niet anders. De nieuwste rage is de vraag van fysiotherapeuten of ik een MRI van de heup kan aanvragen, omdat er een haakje aan de kom van het gewricht zou zijn waardoor de heup blokkeert. Eenderde van de vrouwen en de helft van de mannen heeft zo’n haak zonder ooit een greintje pijn te hebben. Onzin om dat randje er dan af te laten bikken.”

Weinig nuttige ingrepen
“Al dat moderne onderzoek dat zulke ‘specialisten in beweging’ zo supersnel doen, heeft dus veel fout-positieve resultaten: afwijkingen die niets betekenen en niet de oorzaak van de klachten zijn.
Zelfs als ze dan ‘iets echts’ vinden, helpen die in de spotjes aanbevolen operaties niet beter dan bewegen, pijnstilling, vertrouwen dat het wel goed komt of het besef dat het niet anders is. Het lijstje operaties die bij het betere onderzoek door de mand vallen, dijt flink uit: knieoperaties bij meniscusproblemen bij ouderen, schouderoperaties vanwege ‘ontstoken slijmbeurzen’, plaatjes en schroeven bij gebroken sleutelbenen of snelle operaties bij gescheurde kruisbanden. Orthopeden zeggen dan dat ze dat wel weten, maar ze doen die meestal weinig nuttige ingrepen nog steeds in groten getale zoals Follow the Money onlangs publiceerde.
U heeft vaak niets te zoeken in die reclamemakende klinieken. Kom die verwijsbriefjes dus alstublieft niet halen.”

Baas over je blaas

Al honderden vrouwen doen mee aan online training voor urineverlies’

Nijmegen – Vrouwen die last hebben van urineverlies kunnen sinds afgelopen zomer gratis deelnemen aan een online training, Baas over je blaas. Het programma is onderdeel van wetenschappelijk onderzoek en is opgezet door het Radboudumc. Het enthousiasme voor de training is groot zo blijkt uit honderden aanmeldingen.

Urine incontinentie, komt bij één op de vier vrouwen voor maar zij gaan hier vaak niet mee naar hun huisarts. Zij schamen zich ervoor of denken dat het erbij hoort na hun zwangerschap of omdat zij ouder worden. Hierdoor blijven veel vrouwen onnodig lang doorlopen met deze klacht. Met Baas over je blaas wordt een behandeling aangeboden via internet die vrouwen thuis, in hun eigen tijd kunnen volgen zonder dat zij hiervoor naar een hulpverlener hoeven. De behandeling is gebaseerd op onderzoek uit Zweden waar het bij twee op de drie vrouwen zorgde voor afname of het definitief stoppen van urineverlies.

De online training richt zich specifiek op vrouwen die last hebben van urineverlies nadat zij hoesten, lachen, niezen of tijdens het sporten. Dit wordt stressincontinentie genoemd en dit heeft te maken met zwakte van de bekkenbodemspier. Bij Baas over je blaas wordt die spier getraind met verschillende oefeningen die in acht stappen aan bod komen.  Het programma duurt drie maanden, maar is op eigen tempo te volgen.

Vrouwen kunnen zich gratis aanmelden op https://baasoverjeblaas.nl.

Baas over je blaas

Diploma kaderhuisarts urogynaecologie

Na 2 jaar hard werken en studeren, artikelen schrijven, presentaties houden en meer, met opoffering van een deel van mijn vrije tijd, eindelijk mijn felbegeerde diploma behaald. Vanaf nu mag ik mij kaderhuisarts urogynaecologie noemen en kan ik hiermee aan de slag binnen en buiten de praktijk. Voor het regelen van beleidsmatige zaken binnen onze zorggroep, contacten onderhouden met specialisten van het ziekenhuis, het consulteren door en adviseren aan collega-huisartsen, het aanbieden van specifieke consulten en verrichtingen aan patiënten, ook van andere collega’s, en het geven van onderwijs op het gebied van urogynaecologie, ben ik thans de aangewezen persoon in de regio.

Diploma kaderhuisarts urogynaecologie

10 insider tips I bet you don’t know about your GP

We’ve all been to the doctor, right?  We know how it works; we know how to get an appointment and what to say when we go.  I’m always surprised at how little people do understand about how their doctor’s surgery really works, and how to get the best out of them.  Most people don’t realise that a GP runs a small business and that they get paid a set fee to provide all of your care.  Do you have any idea how long your appointment slot is, or how many patients your GP will see each day?  Hopefully you won’t need to visit your GP very often, but a bit of insider knowledge can help you when you do need to go!  How many of these insider tips and nuggets did you already know?

 

  1. Your Doctor would like to give you more time
    • Most GPs provide just 10 minutes for an appointment. Although this might not seem very long you must remember that this has increased over the past 20 years from a typical 7.5 mins per appointment, and from even shorter appointments before then.  GPs can choose to offer longer appointment times, but there is a balance between length of appointment and how many appointments they make available.  This is obvious when you think about it – do you offer fewer, longer slots, or more, shorter ones?  What would you do?  Depending upon your reason for attending, 10 minutes might be more than enough time, or woefully inadequate.  Got a sore throat?  You might be in and out in 5 minutes.  Hearing voices and suicidal?  You might be in there for half an hour, or probably longer. Your doctor will rely on a variety of problems presenting to balance these demands on their time, and hopefully will run roughly to schedule.  Often they will run late.
    • You can help this by understanding how long your appointment slot is (just ask when you book), and working with your doctor to get things done in the time allowed. If you already know you are going to need more than 10 mins, ask reception if you can have a longer slot. They will probably be happy to oblige.

 

  1. Your Doctor does not like lists
  • Well, let me clarify this. Your Doctor would advocate you knowing what you are coming for, and if writing this down in advance will help you, then I would suggest you do so.  However, bearing in mind point one above, if you only have 10 minutes and if you pull out a list of 5 problems this is pretty stressful for your GP.  Were you expecting 2 minutes per problem?  Be realistic.  Prioritise what you want from your doctor.

 

  1. If you arrive 10 minutes late, you have missed your appointment.
  • What I mean is that if you are 10 minutes late (or more), then you are not just late, but your appointment slot has come and gone. The next patient is now due.  Remember that the impact of being late is not just on your doctor.  They may be prepared to finish their surgery late in order to see you, but what about all the other patients who have booked in and arrived on time?  If you arrive late, this is who you are causing hassle for, all the people around you in the waiting room.  I guess I’m just asking you to think – is this fair?

 

  1. Your Doctor is not telepathic
  • Pretty obvious, right? Yet it seems that people think their GP will know what they are worried about, which of their problems is a priority for them and what their hidden fears are.  A good doctor will no doubt explore all of this with you, but you can short-cut this.  Be up front about what is on your mind.  If you are worried because you think your rash or lump might be cancer, then say so.  If you want to exclude some rare condition because your mother had it – let the doctor know.  Try not to leave your main problem until the end.  You would be amazed how many people get through the whole consultation and then, at the end, say something like “While I’m here, can I mention this chest pain I’ve been getting?”

 

  1. Your Doctor is a specialist
  • They have just specialized in being a generalist! Don’t make the mistake of thinking that there is a hierarchy of doctors, with GPs at the bottom and hospital consultants at the top. Your GP will have spent a minimum of 5 years in training AFTER medical school. They are experienced doctors qualified to look after you. Sometimes people think that going to A&E means you get to see a ‘proper doctor’ – remember that the junior doctor in A&E is likely significantly less experienced than your GP. Many people think that being a GP is the hardest job a doctor can do. If you are concerned that you might need to see a specialist, then talk this through with your GP – they are in a really good place to decide with you if that is what is needed, or not.

 

  1. Your Doctor is self-employed
  • Did you know this? Why does it matter?  GP partners own the business of the practice and are ‘independent contractors’ to the NHS.  Many members of staff at the surgery, including some of the doctors, will be employed, but by the surgery not by “the NHS”,.  This has a number of implications:
  • Firstly, your GP receives a set amount of money per patient per year to provide all of their care. It doesn’t matter whether you see your GP every week all year, or don’t attend for 5 years; your GP gets the same amount of money for looking after you.  You must not think that by seeing your GP you are ‘doing them a favour’ by bringing in money for your attendance!  The amount of money your GP earns varies from practice to practice (they are all individual small businesses) but the average is around £140 per patient per year.  This is really good value (less than 40p per patient per day), particularly when you consider this is the money the practice receives to provide all the services and pay all the staff including the doctors.
  • Secondly, this means that your doctor’s surgery is contracted to provide certain things, and not others. It’s worth remembering this as this is why you will sometimes be asked to pay for things.  In simple terms your GP is contracted to provide medical care, but not to do things outside of this such as the multitude of letters they are asked to sign.  If ANYONE asks you to “get a note from your doctor”, you should really question this before heading off to the surgery.  Many of these requests are unnecessary and just seek to move a perceived risk from one person to the doctor, who may not be in a position to carry that risk.  Check out this website first for more info:

http://www.ganfyd.org/index.php?title=Get_a_note_from_your_doctor

  • The payment GPs receive is not affected directly by referrals or prescribing – the costs for this are in a separate budget. If your GP decides to prescribe an expensive medicine for you they are not paying for it themselves.  People often think that GPs switch medicines to cheaper ones in order to personally benefit financially.  NOT TRUE!  They are doing this to help the NHS budget as a whole, which I would hope we would all be in support of.
  • Because they are small businesses, they bear any increasing costs themselves. Rising indemnity fees (insurance against being sued) have to be paid by the doctor themselves.  A doctor working only 2 days per week can be paying £6,000 per year on indemnity insurance.  Why does this matter to you?  Because if they are paying £6,000 on that they are not spending that £6,000 on another receptionist, or nurse, or another doctor.  The higher the costs, the less likely the surgery is to be able to add in additional services.  So, bear this in mind when you are thinking of suing your GP!
  • Despite what The Sun might tell you, your doctor does not earn £700k per year (unless your GP happens to be the sole one in the country that does … )

 

  1. Your Doctor wants the best for you
    • If your GP decides not to refer you on, or not to prescribe anything, or not to investigate you it is not because they are trying to be difficult or just trying to save money (don’t forget, their take home pay is not affected by these things). It’s usually because they don’t feel you need any of the above.  They also understand, probably better than you, the risks associated with over referral, over treatment and over investigation.  This is not a game where you need to see how much you can get from the NHS.  This is about keeping you healthy, investigating when appropriate, and treating when we need to.  Bearing this in mind, your GP will not mind explaining it to you – just ask.  If you were hoping for an X-ray, mention this and have a grown up conversation with your doctor about the pros and cons of doing that.

 

  1. Your Doctor is not taking part in a medical drama.
    • When you watch the TV, watch out for the doctors. I bet, 9 times out of 10, that they get the diagnosis right, first time.  I’m afraid this is not real life.  Many conditions are not at all obvious, and time is the only sensible way to start to differentiate between them.  GPs often get vilified in the press for not picking up serious illness (“I attended my GP 3 times before they referred me with my cancer…”).  In reality serious illness often initially presents the same as mild, self-limiting illness.  A cough, for example, can be caused by many things, from a simple viral infection to lung cancer.  The patient who presents to their GP with a cough that they have had for less than a week is unlikely to get a chest X-ray on the first visit, but if it has failed to settle after 3-4 weeks, then that’s a different story.  Be aware of this and remember that this is complex stuff.  In particular, ask about the things that you should watch for and under what circumstances you should return for review

 

  1. Your Doctor might play golf, but probably not in their lunchbreak!
  • The traditional view that people have of GPs is that they see a few patients in the morning; a couple of visits, then are free until evening surgery at 5pm. Plenty of time for 18 holes in the afternoon?  The traditional view is out of date.  Most GPs see 18-20 patients in morning surgery, followed by visits, and then a further 18-20 patients in the afternoon.  Many GPs see more than this.  In addition to these face to face consultations, there will be phone calls and paperwork.  Paperwork is an essential part of patient care, but takes time.  It consists of looking through the results of the investigations that have been ordered, reading letters from consultants, acting upon these letters (consultants will not infrequently give actions for the GP to undertake), signing prescriptions (signing prescriptions is one of the riskiest things that GPs do – be aware of this and don’t be upset if there is a query over your medication – this might just mean that the GP is taking the trouble to check that this is safe for you and won’t kill you) and arranging the investigations and referrals from the previous surgery.  The waiting room may be empty, but that doesn’t mean the GPs are all putting their feet up.  That’s a lot of patients seen, and a lot of decisions made. If you are waiting for the results of an investigation, this can be stressful, and you quite rightly will want the results as soon as possible.  Here are some things you should consider:
    • If the test was arranged by your hospital consultant – that’s who you should go back to for the result. Ring the consultant secretary (ring the hospital switchboard and ask to be put through) and ask when the consultant is going to convey the results to you.  If they try to palm you off by saying they will send the results to your GP, explain that you want the results from the specialist who arranged them who is in by far the best place to give appropriate advice.
    • If your GP did arrange the test, the smart thing is to make sure you know from the outset when and how you should expect to get the results. Are they going to phone you, or do you need to call?  Speaking to the receptionist if you are uncertain is the way to go – explain your problem, and ask how to proceed – they will probably be able to help you.

 

  1. Your Doctor has entrusted their reception staff with an important job
  • And that job is not just to make things as difficult as possible to make an appointment! The receptionist’s main job is to deal with enquiries, book appointments and generally ensure all is running smoothly.  They are not medically trained, but they will have a really good understanding of the services on offer. My advice would be to entrust them with a rough idea of the problem that you have.  This way they are able to direct you to the most appropriate course of action. Don’t forget that everyone who works in the surgery is covered by the same confidentiality clauses. You can trust that the receptionist is NOT going to be talking about you to others. Increasingly doctor’s surgeries include clinics run by nurses, physios, pharmacists and more.  If you ring and insist on an appointment with a doctor, without explaining that it’s because you have a bad back, you might have missed out on seeing the physio – probably a better option for you.
  • If you are polite and friendly to reception, they will be polite and friendly to you. They are not trying to be obstructive, they are just doing their job – you might be anxious and stressed, but try to keep calm.  The receptionist can be key in getting the right help as quickly as possible – just remember, that help might not be the GP.

 

So, how many of these top 10 insider knowledge facts did you know?  As with all things, the more we know about how things work, the better able we are to work with the system and get what we need done.  I hope these facts and tips have been interesting and helpful to you.  If they have, why don’t you share them with a friend?!

Voedingssupplementen met rode gist rijst

Publicatie Geneesmiddelenbulletin – Nr. 12 – 29 december 2017
Jaargang 51
Rubriek Let op!
Auteur Mw drs L. Bogaard
Pagina’s 96

Bij de drogist en in de apotheek zijn verschillende producten te koop die rode gist rijst bevatten. Rode gist rijst bevat de stof monacoline K waarvan wordt geclaimd dat het gebruik hiervan bijdraagt aan het behoud van normale cholesterolwaarden. Omdat rode gist rijst wordt gezien als voedingsmiddel valt dit product onder het toezicht van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA). De gezondheidsclaim dat rode gist rijst goed is voor het behoud van een verantwoord cholesterolgehalte is goedgekeurd door de Europese voedselveiligheidsautoriteit (EFSA) voor producten met een dosering van 10 mg monacoline K per dag.1

Monacoline K

Monacoline K ontstaat na fermentatie van rijst door de schimmel Monascus purpureus. Tijdens de fermentatie ontstaat een paarsrood pigment en het hoofdbestanddeel monacoline K. Monacoline K is chemisch identiek aan lovastatine. Dit is een statine die in Nederland en Europa niet, maar in de Verenigde Staten (VS) wel als geregistreerd geneesmiddel op de markt is in een sterkte van 10 tot 40 mg. Een nadeel van de natuurlijke manier van produceren van monacoline K is dat zowel de kwaliteit als de kwantiteit van het eindproduct afhankelijk is van het fermentatieproces. Tijdens dit fermentatieproces kan bijvoorbeeld ook het giftige citrinine ontstaan.2

Bijwerkingen

Op verkoopwebsites worden geen bijwerkingen van rode gist rijst gemeld. Op diverse gezondheidswebsites wordt aangegeven dat het minder bijwerkingen zou hebben dan de statinen. In de productinformatie bij het in de Verenigde Staten geregistreerde lovastatine wordt echter wel degelijk gewaarschuwd voor bijwerkingen zoals rhabdomyolyse (afbraak van spieren, gewrichten en urinewegen) en leverfunctiestoornissen. Lovastatine wordt bovendien in de lever gemetaboliseerd door CYP3A4. Gelijktijdig gebruik met sterke CYP3A4-remmers kan de spiegel van lovastatine dan ook verhogen.3 Uit twee meta-analysen naar de werking van rode gist rijst blijkt dat de bijwerkingen nog onvoldoende zijn onderzocht.4 5
Bijwerkingencentrum Lareb heeft echter in juli een rapport uitgebracht over meldingen van bijwerkingen na gebruik van rode gist rijst (RGR)- supplementen.6 Gezien de overeenkomst met lovastatine is het niet vreemd dat hieruit blijkt dat het gebruik van RGR wel degelijk de bekende statine-achtige bijwerkingen zoals spierpijn kan veroorzaken. Het Lareb heeft de Voedsel- en Warenautoriteit en de Inspectie voor Volksgezondheid hierover geïnformeerd. In Duitsland heeft het geneesmiddelenagentschap Bundesinstitut für Arzneimittel und Medizinprodukte (BfArM), als enige binnen Europa, sinds begin 2016 producten die meer dan 5 mg Monacoline K bevatten geclassificeerd als geneesmiddel.

Zelfzorgstatus van statinen

Sinds 1999 heeft de FDA drie aanvragen gehad om lovastatine om te zetten van een receptgeneesmiddel naar een zelfzorgproduct.7 Deze aanvragen zijn alle afgewezen. Hieruit blijkt dat de FDA lovastatine niet veilig en effectief genoeg acht om te gebruiken als zelfmedicatie. Eén van de leden van de FDA adviescommissie Non-Prescription Drugs, heeft hierover een artikel geschreven.8 Hierin wordt opgemerkt dat geneesmiddelen voor asymptomatische indicaties zoals lovastatine onder controle van de arts moeten worden voorgeschreven.

Plaatsbepaling

  • Door de term ‘natuurlijk’ denken veel patiënten een product zonder risico’s te gebruiken. Rode gist rijst bevat echter het statine lovastatine en mogelijk ook andere schadelijke inhoudsstoffen zoals citrinine die bij de fermentatie van rijst tot rode gist rijst ontstaan.
  • Er is onvoldoende bekend over de bijwerkingen van rode gist rijst. Uit meldingen bij bijwerkingencentrum Lareb blijkt dat het middel niet zonder bijwerkingen is. Ook zou rode gist rijst niet moeten worden gebruikt tijdens de zwangerschap, en kunnen interacties optreden met sterke CYP3A4 remmers.
  • Monacoline K is het in de Verenigde Staten geregistreerde geneesmiddel lovastatine, en ook in Duitsland is het inmiddels als  geneesmiddel geclassificeerd.  De FDA vindt lovastatine bovendien niet veilig genoeg als zelfzorggeneesmiddel. Het is onterecht dat het in Nederland als voedingsmiddel vrij te verkrijgen is. De Europese registratieautoriteit EMA en de nationale registratieautoriteiten zouden actie moeten ondernemen en rode gist rijst, net als de registratieautoriteit in Duitsland, als geneesmiddel moeten classificeren.

Literatuurreferenties

  1. European Food Safety Authority, Scientific Opinion on the substantiation of health claims related to monacolin K from red yeast rice and maintenance of normal blood LDL-cholesterol concentrations (ID 1648,1700) pursuant to Article 13(1) of Regulation EC No 1924/2006. EFSA Journal 2011; 9: 2304.
  2. Gordon RY, et al. Marked variability of monacolin levels in commercial red yeast rice products: Buyer beware! Arch Intern Med 2010; 170: 1722–1727.
  3. Center for Drug Evaluation and Research. Approval package lovastatine USP tablets 10,20 and 40 mg, December 2001. Via: https://www.accessdata.fda.gov/drugsatfda_docs/nda/2001/075551.pdf.
  4. Gerards MC, et al. Traditional Chinese lipid-lowering agent red yeast rice results in significant LDL reduction but safety is uncertain – A systematic review and meta-analysis. Atherosclerosis 2015; 240: 415-423.
  5. Li Y, et al. A meta-analysis of red yeast rice: an effective and relatively safe alternative approach for dyslipidemia. PLoS ONE 2014; 9: e98611.
  6. Bijwerkingencentrum Lareb. Red yeast rice – an overview of the reported ADRs. 2017. Via: https://www.lareb.nl/media/3078/signals_2017_rode-gistrijstoverviewadr.pdf.
  7. Food and Drug Administration. Briefing document: Joint Session of the Nonprescription Drugs Advisory Committee and the Endocrinologic and Metabolic Drugs Advisory Committee, December 13, 2007. Via: https://www.fda.gov/ohrms/dockets/ac/07/briefing/2007-4331b1-01-FDA.pdf.
  8. Tinetti M. Over-the-counter sales of statins and other drugs for asymptomatic conditions. N Engl J Med. 2008; 358: 2728-2732.

Kinderwens?

Denk je na over kinderen? ‘Ga eerst langs de huisarts’Zwangere buik

NOS Nieuws

Dat roken en drinken tijdens de zwangerschap niet goed is voor het ongeboren kind, weten de meesten wel. Maar dat roken vóór de zwangerschap een spontane vroeggeboorte bijna twee keer zo waarschijnlijk maakt, of dat het gebruik van ibuprofen voor de zwangerschap schadelijk kan zijn, is veel minder bekend.

“Van dit soort risico’s zijn mensen zich amper bewust”, zegt Marjolein Poels, onderzoeker bij het UMC Utrecht, in het NOS Radio 1 Journaal. Zij promoveert donderdag op haar onderzoek naar het effect van leefstijl voorafgaand aan de zwangerschap. Stellen zouden zich volgens haar vanaf het moment dat ze nadenken over het krijgen van een kind, moeten melden bij een huisarts, gynaecoloog of verloskundige.

Verloskundige

Tijdens zo’n gesprek moet dan besproken worden hoe een gezondere levenswijze allerlei zwangerschapscomplicaties kan voorkomen. “We zien vaak dat vrouwen pas een eerste gesprek met een verloskundige plannen als zij tussen de acht en tien weken zwanger zijn. Maar juist die eerste weken zijn heel belangrijk”, zegt Poels.

In Nederland is het gebruikelijk dat we pas na twaalf weken vertellen dat we in verwachting zijn.

Marjolein Poels

Ze verklaart dit late melden vanuit de gewoonte om pas na drie maanden de zwangerschap wereldkundig te maken. Na die periode is de kans op een miskraam over het algemeen kleiner. “Dan mag iedereen het pas weten, is de gedachte in Nederland. Maar dan is het kind al flink op weg in de ontwikkeling.”

Campagne

Zo vroeg mogelijk starten met het corrigeren van een ongezonde leefstijl, is essentieel voor het tegengaan van zwangerschapscomplicaties. Poels: “Denk aan vroeggeboorte, een te laag geboortegewicht, een te hoge bloeddruk of zwangerschapsdiabetes. Bij overgewicht is de kans op zwangerschapsdiabetes meer dan zes keer zo hoog.”

Heel simpele adviezen, ook gericht op de vader, kunnen de kans op zwanger worden vergroten.

Marjolein Poels

Poels deed haar promotieonderzoek in Zeist. Onderdeel van haar onderzoek was een voorlichtingscampagne. “We zagen dat door die campagne vrouwen vaker hun voedingspatroon veranderden, eerder een gesprek aangingen met een zorgverlener, sneller stopten met roken of drinken en eerder begonnen met foliumzuur slikken.” Dat laatste verkleint de kans op geboorteafwijkingen als een open ruggetje, open gehemelte of hazenlip.

Rol van de man

“Hele simpele adviezen, ook gericht op de vader, kunnen de kans op zwanger worden vergroten. Het kan bijvoorbeeld langer duren voordat een vrouw zwanger wordt als hun man alcohol drinkt.”

Volgens Poels moet het een vaste gewoonte worden om bij een kinderwens onmiddellijk de huisarts of verloskundige te informeren. “Dan is er voldoende tijd om te werken aan een topconditie van de toekomstige ouders.”